Spring naar inhoud

Vol goede moed ben je begonnen met je ‘schone leefstijl’. Je hebt alle recepten uitgezocht, je kasten ontdaan van ‘bewerkt voedsel’, je kasten en koelkast gevuld met nieuwe producten en je gaat ervoor! Iedereen belooft je bergen energie, dus kom maar op!

Alleen, is die energie bij jou ver te zeken, je hebt last van hoofdpijn en concentratieverlies, je bent misselijkheid, vermoeid en je raakt van het minste of geringste geïrriteerd! Dit verschijnsel is bekend en heeft de naam “low carb flu” gekregen. De Suikergriep.

Voor veel mensen verloopt de overgang naar een schone leefstijl niet vlekkeloos. Je lichaam heeft tijd nodig zich aan te passen. Het is al zo lang gewend aan ‘overleven’ dat het vergeten is te reageren op gezonde voedingsmiddelen.

Natriumtekort

Als je een koolhydraatrijk voedingspatroon gewend bent (brood, muesli, pasta, aardappelen, rijst en koek), zul je merken dat merken dat je lichaam met je nieuwe voedingspatroon makkelijk meer vocht uitstoot, je gaat vaker naar het toilet. Koolhydraten houden namelijk vocht vast. In dit vocht zit ook natrium, een belangrijk elektrolyt in het lichaam dat zorgt voor de vochtbalans van je lichaam. Het regelt je bloeddruk en de prikkeloverdracht in spier- en zenuwcellen. Als hier een tekort van ontstaat kun je last krijgen van “griepachtige” klachten. Deze zijn in een aantal dagen over.

Je kunt je klachten verminderen door:

  • Iedere ochtend een groot glas lauw water met een snufje Zee- of Himalaya zout te drinken. Vind je dit vies, voeg er dan een beetje citroensap aan toe.
  • Drink ook eens kokoswater. Desnoods verdund met lauw water. Het wordt vaak als sportdrank gebruikt om de vochtbalans te herstellen en stimuleert bovendien de vetverbranding. 2 vliegen in 1 klap dus!
  • Trek eens een goede bouillon uit botten. Botten in een pan, ruim water erbij en een eetlepel zout (Himalaya of Zeezout) en 24 (kip) tot 72 uur (rund) laten trekken op plm 90-95 graden Celcius. Dit helpt ook bij de spijsvertering.

Van suiker- naar vetverbranding

Het kan ook dat je lichaam moeite heeft met de omschakeling naar vetverbranding. Een gezond lichaam switcht eenvoudig tussen suiker- en vetverbranding. Zo zijn wij ingericht. In tijden van voldoende voeding verbrandt het eerst suikers (koolhydraten), het teveel wordt opgeslagen als vet(reserve). In tijden van schaarste verbrandt het lijf deze vetreserves weer voor energie. Dit heet metabole flexibiliteit. Omdat wij altijd in overvloed leven, verliest ons lichaam deze flexibiliteit.

Waarom? Omdat het voor je lichaam eenvoudiger is suikers om te zetten in energie. Pas als de glucosevoorraad op is, wordt de vetreserve aangesproken. Je zult tijdens deze overgang merken dat je je moe of zelfs uitgeput voelt en merken dat sporten ook minder gaat.

Stop alsjeblieft niet met bewegen!! In de energiefabriekjes (mitochondriën) van de (spier)cellen wordt je vet verbrand en die hebben hiervoor zuurstof nodig. Hoe meer mitochondriën en zuurstof aanwezig zijn in je lichaam, hoe beter de vetverbranding verloopt.

Dit kun je zelf stimuleren door:

  • Nuchter te bewegen. Bewegen voordat je gegeten hebt stimuleert je vetverbranding, stabiliseert je bloedsuikerspiegel en verbetert je concentratievermogen. Een stevige wandeling (powerwalk) zorgt al voor aanmaak van nieuwe mitochondriën. Lopend naar de supermarkt voor de boodschappen in plaats van met de auto of s’ochtends de hond flink uitlaten voor je ontbijt versnelt je vetverbranding. Minimaal een half uur en als je een uur beweegt voor je ontbijt werkt dit proces de hele dag door!
  • Intermittend fasting. Tijdelijk vasten, maximaal 3 eetmomenten per dag (dus ook geen tussendoortjes!) helpt je lichaam vet te verbranden. Je kunt ook je eerste maaltijd zo lang mogelijk proberen uit te stellen of zelfs over slaan. Je laat je lichaam dan ‘denken’ dat je met ‘schaarste’ te maken hebt en train je jouw metabole flexibiliteit. Het is dan wel de bedoeling dat je voldoende voedingsmiddelen voor één dag in die overgebleven maaltijden verwerkt, anders kom je om van de honger en hol je je lichaam uit.

Luister naar je lichaam! Het kan zijn dat jij wat langer tijd nodig hebt je aan te passen. Het kan soms wel een aantal weken duren voordat je lichaam gewend is aan je nieuwe leefstijl.

Als je na een aantal weken nog steeds klachten hebt, kan dat ook aan een aantal andere factoren liggen. Je immuunsysteem kan constant actief zijn of er is een tekort aan een bepaald nutriënt (of meer nutriënten) of een ander fysiologisch proces in je lichaam verloopt niet goed. Neem dan contact op met een deskundige.

Bottenbouillon, rijk en goedkoop!

Bottenbouillon. Zo oud als de weg naar Kralingen. Onze voorouders aten het al! Geweldig duurzaam, súpergezond voor je hele lijf (en met name je darmen), ram- en ramvol belangrijke voedingsstoffen en rete-eenvoudig te maken!

Rijk aan voedingsstoffen en gezondheidsvoordelen, gemaakt van afvalproducten (botten en snijafval).

Bijna vergeten!

Je eigen oma en overgrootmoeder (en ál onze vóórmoeders tot aan de traditionele volkeren) doen het; bouillon trekken van botten en groenteresten. Zo gebruik je niet alleen het vlees, maar ook de botten van dieren als voedingsbron. Alles even voedingsrijk en bruikbaar. We waren het bijna vergeten met al die prefab bouilonnetjes in de supermarkt.

Lekkere, smakelijke, voedzame soep is een rijke voedingsbron waar we niet alleen als we ziek zijn, maar ook als we gezond willen blijven, veel aan hebben. In botten zitten enorm veel belangrijke mineralen en andere voedingsstoffen zoals gelatine en collageen die superbelangrijk zijn voor onze bindweefsels en het slijmvlies van de darmen. Het helpt namelijk de slijmlaag (epitheel) in je darmen genezen, iets wat de meeste van ons goed kunnen gebruiken; Eat your heart out leaky gut!!

Die voedingsstoffen zijn niet zomaar beschikbaar. Ze komen alleen vrij als de botten langdurig hebben getrokken. Hoe langer je de bouillon trekt, hoe beter de smaak is en hoe meer mineralen en aminozuren hij bevat. Je wilt nóóit meer andere bouillon!!

Als je 'de mazzel hebt oud genoeg te zijn en je moeder was wat ouderwetsig aangelegd; dan weet je nog dat je kippenbouillon kreeg als je griep had. Speciaal voor jou gemaakt! Uit sufgetrokken kippenbotten komt o.a. cysteine vrij (een aminozuur dat soortgelijk werkt als acetylcysteine, tegen bronchitis), en een hele lading goede vetten, mineralen en nutriënten die belangrijk zijn voor een sterk immuunsysteem (zoals de gelatine). Ook helpt het bij een goede vertering, verbeteren de leverfunctie en zorgen voor goede botten.

Hoe maak je het?

De belangrijkste elementen bij het maken van bottenbouillon zijn de TIJD (hoe langer het suddert, hoe meer voedingswaarde je krijgt) en de KWALITEIT van de ingrediënten. Hoe beter de kwaliteit, hoe meer voedingswaarde.

  1. Gebruik vlees en botten van grasgevoerde en biologische dieren, die bevatten meer mineralen en omega-3 vetzuren. Zorg in ieder geval dat er naast botten met vlees (zoals rib) dus ook schenkel en mergpijp bij zitten. De beste delen van een dier om in je bouillon te verwerken zijn de voeten, de kop en nek, gewrichten en huid, omdat zich daar het meeste bindweefsel bevindt. De botten met kraakbeen geven het meeste gelatine. Mergpijp geeft smaak en juist in beenmerg zitten specifieke voedzame voedingsmiddelen. TIP: Gebruik voor kippen- of visbouillon de botten/graat en kop van een heel dier waarmee je eerst als maaltijd gegeten hebt. Dan hoef je die botten niet nieuw te kopen.
  2. Sommige mensen zweren bij het vóórweken in water met azijn, om de mineralen uit de botten te trekken. Ik ben daar niet zo van. Ik neem liever de tijd om de botten lang te laten trekken.
  3. Voeg dan de groenten toe en breng het geheel kort aan de kook. TIP: Verzamel het snijafval en stukken groenten die niet mooi genoeg in een bak in de koelkast.
  4. Schep zo nodig het schuim van het water en voeg zout en specerijen toe.
  5. Daarna zet je de pan op een vlamverdeler en je houdt het op maximaal 90 graden Celsius. Vis laat je 12 uur trekken, kip 24-36 uur, vlees 36-72 uur.
  6. Laat de bouillon afkoelen, zeef het verpak het in porties. Ik maak altijd een grote pan (zo'n 7 liter) die ik dan in glazenpotten bewaar (goed warm vullen, dichtdraaien en op zijn kop zetten. Eenmaal afgekoeld bewaar ik ze in de koelkast, waar ze weken (soms maanden) uitstekend blijven.

Natuurlijk kost het tijd om je eigen bouillon te maken. Al valt dat in praktijk enorm mee, omdat het vooral wachttijd is. De winst die je ermee behaalt is zó geweldig groot!! In smaak, maar vooral in voedingswaarde. En als je het een beetje slim aanpakt met bovenstaande tips hoeft het je niet heel veel moeite te kosten. Laat me weten of jij nog tips hebt!

Heb je nou "écht ont-zet-tend-geen-zin-om-een-pan-met-water-op-te-zetten", kijk dan hier even voor -mijns inziens- het beste collageensupplement dat momenteel te koop is.